De ontwikkeling van (aankomende) professionals en organisaties (oftewel leren) boeit me mateloos.
De laatste jaren houd ik me hier beroepsmatig mee bezig. Vooral de combinatie met internettechnologie vind ik erg interessant. In het Engels spreekt men van "technology enhanced learning: TE-learning, de nieuwe naam van e-learning.
Volgens Michele B. Medved en Terrence Wing verandert de rol van een opleider binnen arbeidsorganisaties, als meer gebruik gemaakt gaat worden van social media voor meer informeel leren.
No longer will workplace learning and performance professionals be solely responsible for directing learning, but also for facilitating the learning process.
De auteurs onderscheiden hierbij drie aspecten:
Er voor zorgen dat alle betrokkenen samenwerken om de behoeften van de organisatie te bevredigen.
De structuur en het proces vormgeven zodat kennis van een gemeenschap van betrokkenen waarde krijgt voor een organisatie.
Medewerkers motiveren, prikkelen en tijd geven om bijdragen te leveren, en verbindingen aan te gaan.
Medved en Wing illusteren deze rol aan de hand van een praktijkcasus, en eindigen met tien overwegingen.
Wat hierbij opvalt is dat het informele leren wat meer geformaliseerd wordt. Overigens niet op een dusdanige manier dat het spontane en motiverende karakter, dat informeel leren vaak kenmerkt, wordt aangetast.
Mijn collega Tim Durawski (@timdurawski) tipte me over hetsocial media protocol dat de vakbond CNV heeft ontwikkeld. Het CNV gebruikt dit protocol zelf, en staat anderen toe om het protocol ook te gebruiken (een Creative Commons licentie ontbreekt overigens).
Wat opvalt, is de positieve en realistische toon:
Uitgangspunt is dat social media een waardevolle bijdrage aan de organisatie leveren, zoals e-mail en internet dat ook hebben gedaan en nog steeds doen. Bij nieuwe ontwikkelingen zie je vaker dat een aantal werkgevers en werknemers vooral de bedreigingen zien, anderen vooral de kansen. Om verschillende denkbeelden over het gebruik van social media in organisaties niet te laten leiden tot misverstanden is dit protocol ontwikkeld.
De gedragscode bestaat uit vijftien regels, waarbij terecht een sterk beroep wordt gedaan op de persoonlijke verantwoordelijkheid. Verder is een dialoog hierover erg belangrijk: er wordt een aantal keren gesproken over afspraken maken en contact zoeken. Het document maakt ook een onderscheid tussen medewerkers: afhankelijk van de positie hebben sommige medewerkers een bijzondere verantwoordelijkheid. Daarnaast zijn vertrouwelijkheid en schadelijkheid voor mij kernbegrippen in dit protocol.
De vraag is natuurlijk: wie bepaalt wanneer een bericht schadelijk is voor de organisatie? Kritiek en kritische feedback kunnen leiden tot verbeteringen, en dus niet schadelijk zijn. Anderzijds is het de vraag of je als medewerker hiervoor bijvoorbeeld een persoonlijke weblog moet gebruiken. Wellicht wel, als leidinggevenden minder goed toegankelijk voor medewerkers zijn en je geen andere media tot je beschikking hebt. Persoonlijk zal ik dit niet doen.
Ik ben best positief over deze gedragscode. Vooral een dergelijk protocol de dialoog binnen organisaties over wat kan en niet kan, op gang brengt.
Is de iPad vooral geschikt voor consumptie? Steeds vaker wordt deze stelling ondergraven, nu er meer en meer apps beschikbaar komen om mee te creëren.
Op de dag dat de iPad eindelijk in Nederland te koop is, lanceert Mindmeister een app voor de iPad, waarmee je mindmaps kunt maken.
De app kost bijna 6 euro. Ik heb 'm meteen geïnstalleerd omdat ik het vermoeden had dat dit typisch een applicatie is, waarvoor de iPad eigenlijk is gemaakt. Mindmappen op een laptop heb ik nooit handig gevonden. En inderdaad: het voelt veel natuurlijker om met je handen nieuwe nodes toe te voegen, te verslepen (drag and drop) en kleuren of icoontjes toe te voegen. Uiteraard is het ook ideaal om met je vingers in en uit te zoomen. Natuurlijk: tekst moet je blijven intypen.
Als je geen interactief whiteboard tot je beschikking hebt, kun je met een iPad ook gemakkelijker samen met anderen aan een mindmap werken, dan met een laptop. Een iPad overhandig je sneller dan een laptop. Ook hoef je niet persé online te zijn. Je kunt de mindmap offline maken, en later synchroniseren.
Het importeren van bestanden, of het exporteren (bijvoorbeeld naar PDF), werkt helaas (nog?) niet op de iPad. Daarvoor heb je toch een computer nodig. Wel kun je mindmaps mailen (de url wordt toegestuurd).
Jan van Edublogs.be heeft een mooie samenvatting geschreven van het boek “21st Century Skills. Learning for Life in our Times” van Bernie Trilling en Charles Fadel. Deze auteurs plaatsen kritische kanttekeningen bij het bestaande onderwijssysteem. In de 21ste eeuw zou het onderwijs zich moeten richten op competenties voor leren en innovatie, burgerschaps- en beroepscompetenties en digitale geletterdheid.
Volgens Jan gaan de auteurs ook dieper in op standaarden, toetsen, instructie, professionele ontwikkeling en de leeromgeving. In de samenvatting wordt dit niet uitvoerig toegelicht, al lijkt Jan niet erg te spreken over deze uitwerking.
De recensie heeft mij wel prikkeld om het boek als e-book aan te schaffen. Wellicht kom ik er nog op terug.
Cursisten die in september van start gaan in het basisjaar van de opleiding Adviseur Lokale Overheid kunnen door het gebruik van een iPad digitaal beschikken over het studiemateriaal waaronder een kennisbank, studieboeken, syllabi en presentaties.
De studenten gaan de iPad vooral gebruiken om studiemateriaal te bestuderen dat normaliter via boeken en syllabi beschikbaar wordt gesteld. Ze kunnen zelfs nog kiezen voor het traditioneel gedrukte studiemateriaal, in plaats van de iPad.
Een interessant experiment. Ik ben vraag me hierbij af het het bestaande studiemateriaal wordt verrijkt met andere materialen, zodat ook gebruik wordt gemaakt van één van de 'affordances' van de iPad. Gaan docenten hun onderwijs ook anders vormgeven? De iPad is bijvoorbeeld bij uitstek geschikt om snel wat op te zoeken op internet. Je kunt dus korte zoekopdrachten binnen je colleges integreren. Gaan ze dat doen? Via iTunes U kun je bijvoorbeeld vijf colleges op het gebied van bestuursrecht downloaden. Wil men daar gebruik van maken?
Ook ben ik benieuwd of het materiaal zodanig wordt aangeboden dat de studenten gebruik kunnen maken van één app of dat zij meerdere 'e-reader' apps moeten gebruiken (en wat studenten/docenten daarvan vinden). De Bestuursacademie werkt in deze pilot samen met Reed Business, die een Kennisbank Bestuursrecht onderhouden. Gaat de Bestuursacademie en/of Reed Business ook apart ontwikkelde apps gebruiken? Er is bijvoorbeeld een iPad app Bestuursrecht 2010 beschikbaar (ontwikkeld door Active8). En mogen studenten ook zelf apps installeren (en blijven zij daar eigenaar van?)
Tenslotte ben ik benieuwd of het beschikbaar stellen van de iPad op zich al leidt tot andere gedrag bij studenten. Een boeiend experiment, in elk geval.
Ik heb net het spreekuur bijgewoond dat Femke Halsema op Twitter houdt over de (voorlopig?) gestrandde formatie van Paars-plus (het spreekuur is nog niet afgelopen). Ik gebruikte Tweetdeck om zelf te reageren. Ik had de Twitter-pagina van Femke Halsema open staan om al haar reacties te kunnen volgen. Via Twittelator op de iPad probeerde ik de bijdragen met de afgesproken hasttag #tweetuur bij te houden. Een paar zaken viel me op:
Er is massaal gereageerd, ook door Femke zelf.
Het tweetuur weerspiegelde hoe Twitter zelf wordt gebruikt. Er zaten inhoudelijk prima bijdragen bij, maar ook vragen/opmerkingen die niets met het onderwerp van doen hadden of zelfs nauwelijks serieus te nemen waren. Ook werden sommige vragen vaker gesteld (het is ook niet te doen om alle bijdragen te volgen).
Volgens mij had Femke Halsema geen ondersteuning bij het herkennen van patronen in de vragen. Zij reageerde op (veel) personen, maar minder op thema's. Volgens mij een punt van aandacht.
Je kunt via zo'n Twitter-spreekuur heel veel belangstellenden betrekken bij -in dit geval- de kabinetsformatie. Dat is erg positief. Aan de andere kant kun je als politicus wel globale antwoorden geven, en daar mee weg komen. Femke Halsema liet duidelijk niet altijd het achterste van haar tong zien (ook wel logisch, natuurlijk). Bijvoorbeeld als gevraagd werd naar haar aanstaande advies aan de koningin. In een interview of debat is dat veel lastiger te omzeilen.
Petje af, dus, dat de politiek leider van GroenLinks het initiatief heeft genomen voor dit Twitter-spreekuur. Je leert pas de betekenis van social media kennen, door er mee te experimenteren.
Toch denk ik dat een spreekuur via videoconferencing in combinatie met een gemodereerde back channel (bijvoorbeeld met behulp van Twitter) beter werkt. Je kunt dan beter doorvragen, thematisch vragen behandelen en veel mensen het gevoel geven dat zij betrokken zijn bij het onderwerp.
Via een tweet van Rob Rapmund (@robrap) kwam ik terecht bij een blogpost van Robert Scoble, waarin hij de gratis iPad app Flipboard bespreekt. Met behulp van Flipboard kun je Twitter-berichten en Facebook-berichten in de vorm van een tijdschrift bekijken. Je krijgt dan vaak de hyperinks waarna je verwijst, bij de tweet te zien.
De applicatie is onderverdeeld in negen secties. Behalve je Twitter- en Facebook-account kun je je ook abonneren op voorgeselecteerde secties (zoals FlipTech of Tech Influencers; sterk georiënteerd op de Amerikaanse markt). Je kunt je ook abonneren op individuele 'tweeps' of op Twitter-lijsten. Besloten Twitterlijsten vindt Flipboard echter niet. Dat geldt ook voor een aantal Nederlandstalige lijsten. Flipboard is ook geen vervanger van een RSS-feed reader.
Toen ik Flipboard vanochtend wilde inrichten, kreeg ik meteen de 'over capacity'-melding. Maar daarna lukte het wel.
Flipboard verbindt in feite twee concepten met elkaar. Enerzijds nieuwsgaring via social media, anderzijds de presentatie in de vorm van het traditionele magazine (maar dan op de iPad, met de bijbehorende extra mogelijkheden).
De applicatie is duidelijk in ontwikkeling. Ik mis bijvoorbeeld nogal wat filtermogelijkheden die ik bij Twitter-applicaties wel heb. Ik heb ook de indruk dat Flipboard traag is in het verwerken van tweets. De reactie-mogelijkheden zijn ook beperkter dan bij bijvoorbeeld Tweetdeck. Tenslotte vraag ik me ook af of je met behulp van Flipboard berichten niet trager scant dan bij andere Twitter-applicaties.
Interessant is wel dat Flipboard bepaalde berichten prominenter toont, op basis van bepaalde algoritmen zoals het aantal retweets of het aantal followers. Dat kan helpen bij het scannen van belangrijke berichten, hoewel een dergelijke 'expert-benadering' de gedachte dat iedereen dankzij web 2.0 kan publiceren (en zijn/haar kennis kan delen), ondermijnt.
Michael Trucano houdt zich bij de Wereldbank bezig met ICT en onderwijs. Hij is onlangs naar India gegaan om met eigen ogen te kijken naar het Hole in the Wall-initiatief van Sugata Mitra. In Searching for India's Hole in the Wall doet hij verslag van zijn observaties (nadat hij het initiatief uitgebreid inleidt).
Eén van de zaken die Trucano op is gevallen, is het belang van 'community mobilization': het betrekken van de lokale gemeenschap bij het initiatief, onder meer door iemand uit de lokale gemeenschap coördinator te maken van de uitwerking van het initiatief ter plekke.
Een andere succesfactor was de ontwikkeling van uitdagende educatieve content, vaak in de vorm van games. De kinderen kwamen vooral om games te spelen. Het leren was in feite een prettige bijkomstigheid. Verder viel het Trucano op dat kinderen elkaar begeleiden.
Trucano heeft ook gesproken met een leerkracht van een school, vlak bij de kiosk van The Hole in the Wall. De betreffende leerkracht had er geen bezwaar tegen dat zijn leerlingen gebruik maakten van de kiosk. Zelf heeft de school een computerlokaal gesloten omdat de leerkrachten niet in staat waren om met computers om te gaan. Een behoorlijk contrast, vindt Trucano terecht.
One the one hand, you had two computers set up outside which received minimal maintenance, and which anyone could use from 9-5 each day. There was no direction on how to use this equipment, but that didn't stop kids from figuring it out via trial and error (or, more often, from other kids). On the other hand, you had a dozen computers locked up in a school just a short walk away, gathering dust for lack of 'qualified teachers' to use them, and direct their use.
Een mooie impressie van Michael Trucano. Hij vult eerdere indrukken over Sugata Mitra's initiatief goed aan met zijn persoonlijke observaties. Trucano illustreert dat kinderen zelfstandig kunnen leren, als aan een aantal voorwaarden is voldaan.
Pierre Gorissen schrijft dat je de iPad als tweede monitor kunt gebruiken. Op zich handig, al zal ik er geen gebruik van maken. Ik gebruik de iPad wel vaak naast mijn Macbook. Bijvoorbeeld om RSS-feeds of artikelen te lezen waar ik op mijn Macbook over schrijf. Om dus snel te kunnen wisselen tussen taken.
Een handige manier van werken, vind ik. Ook al moet je natuurlijk er voor waken snel afgeleid te worden (bijvoorbeeld door de Rabo Cycling app of FlickFootball)...
Sinds de conservatieven en liberaal-democraten in het Verenigd Koninkrijk aan het bewind zijn, lijkt de aandacht voor ICT in het onderwijs te verdampen. De BBC geeft een aantal voorbeelden van maatregelen en toespraken van bewindslieden die duiden op een reactionaire wind door het Britse onderwijsland. Zo wordt flink bezuinigd op een fonds dat bedoeld is voor de aanleg van breedbandverbindingen voor scholen.
De reacties op de maatregelen zijn verschillend. Een aantal personen stelt dat stimulerend overheidsbeleid niet meer nodig is, terwijl anderen vinden dat 'ICT in het onderwijs' niet gevrijwaard kan worden van bezuinigingen. Weer anderen vinden dat de nieuwe Britse regering geen duidelijk beleid heeft op dit gebied, en vooral afbreekt wat Labour-beleid was.
Toen ik dit artikel las, moest ik terug denken aan het debat tijdens de laatste Online Educa in Berlijn, waar Bruce Anderson Aric Sigman bijviel in zijn verzet tegen 'social computing' in het onderwijs. Anderson is politiek adviseur van de Britse conservatieven. Hij liet zeer behoudende geluiden horen als het gaat om een visie op leren, en de rol van technologie daarbij.
Ik geloof dan ook niet in waardeneutrale maatregelen. Ik vrees dat een duidelijke strategie ten grondslag ligt aan deze afnemende interesse voor technologie en leren. De investeringen die Labour de laatste jaren heeft gedaan op het gebied van ICT in het onderwijs zouden wel eens te niet gedaan kunnen worden door David Cameron cs.